Mbo-starters boeien en binden met een woning
Summary
De woon-werkcampus heeft zijn wortels in het oude bedrijfsdorp. In dit onderzoek stellen we
voor om een woon-werkcampus voor mbo-starters in de Techniek en Gebouwde Omgeving
(TGO) op te richten. In de techniek is dermate weinig in- en uitstroom in de opleidingen, dat
initiatieven die vooruitzichten van een carrière in de techniek aantrekkelijker maken, hard
nodig zijn.
Nederland bevindt zich daarnaast opnieuw in een periode van woningtekorten.
Publiek en privaat kapitaal in het begin van de 20ste eeuw was ontoereikend voor benodigde
structuren in de regio voor bedrijven om te kunnen groeien en bloeien, wat er toe leidde dat
ondernemers het heft in eigen hand namen. Binnen de opkomst van organische en spontane
planningsvormen (Buitelaar & Van der Krabben, 2017) waarbij bottom-up initiatieven de
sleutel zijn, is er wellicht opnieuw ruimte voor dit type sociaal ondernemer. Elementen van
het bedrijfsdorp, zoals werken op fiets- of loopafstand van de woning, passen daarnaast
goed in de duurzame speerpunten die we in de maatschappij nastreven.
Het betreft een kwalitatief onderzoek, waarbij de resultaten zijn verwerkt in een
stakeholderanalyse (paragraaf 5.1.) en een mental map analyse (paragraaf 5.2.). De
motieven en belangen van de participanten zijn in beeld gebracht. Het leidt tot een divers
palet aan voorkeuren door gemeentes, bedrijven en ondernemersverenigingen. Het
draagvlak is verkend aan de hand van personeelssamenstelling, werkzaamheden, beeld van
de woonsituatie van werknemers, verkenning van huisvestingsmogelijkheden en obstakels,
in de resultaten (H4). Participanten zien vooral het potentieel indien het
gaat over het belang voor de TGO sector en het maatschappelijk belang. Er zijn daarnaast ook
participanten die de geconcentreerde woonvorm als enige oplossing zien om het volume te
krijgen om de opgave in energietransitie, bouw en implementatie van duurzame
technologieën aan te kunnen. Factoren die bevorderend en afremmend werken zijn in het
draagvlakmodel opgenomen (paragraaf 5.3.). Dit model is een indicatie voor het verloop van
draagvlak.