‘Voor weetgierige volken’:Een vergelijkend onderzoek naar de representatie van het stedelijk leven in woord en beeld van Azië en Indonesië in twee werken van Johan Nieuhof (1618-1672).
Summary
Abstract
In dit onderzoek staan de werken Het Gezantschap der Neêrlandtsche Oost-Indische Compagnie, aan den Grooten Tartarischen Cham (1670) en Zee- en lantreize door verscheide gewesten van Oostindien (1682) van Johan Nieuhof centraal. In de analyse, door middel van een close reading, van beide werken wordt gefocust op de representatie van het stedelijk leven. Uit Het Gezantschap zullen de steden Kanton, Nanking en Peking worden geanalyseerd.
De focus in Zee- en lantreize ligt op de stad Batavia. Hieruit zal duidelijk worden dat Nieuhofs blik op het onbekende in Azië en Nederlands-Indië van elkaar verschilt.
Uit deze analyse is gebleken dat de werken van Nieuhof niet pan-Europees zijn. Dit is in tegenstelling tot wat Benjamin Schmidt in Inventing Exoticism: Geography, Globalism, and Europe’s Early Modern World (2015, 74-75).
Tevens is gebleken dat de rol van Nieuhof en de machtspositie van de Republiek invloed heeft op de representatie van het stedelijk leven. De gezanten, waarvan Nieuhof een is, in Het Gezantschap zijn afhankelijk van het oordeel van de keizer. Nieuhof schrijft vol lof over de architectuur en inwoners van China. In Zee- en lantreize is Nieuhof onderdeel van de kolonisator, de machthebber. De stad Batavia wordt gerepresenteerd als onderdeel van de Republiek. De volken worden, na vroegmodern oordeel, als ‘ongecultiveerd’ weergegeven.