Kwaliteit van de Ouder-Kind Relatie in de Vroege Adolescentie en Depressieve Symptomen in de Middel- tot Late Adolescentie
Summary
Er is al veel bewijs voor de samenhang tussen de kwaliteit van de ouder-kind relatie en depressieve symptomen bij adolescenten, er is echter nog weinig onderzoek gedaan naar deze samenhang over tijd. Het doel van het huidige onderzoek was daarom om de samenhang tussen de kwaliteit van de ouder-kind relatie in de vroege adolescentie en depressieve symptomen in de middel- tot late adolescentie te onderzoeken. Bovendien werd er gecontroleerd voor depressieve symptomen in de vroege adolescentie en werd er onderzocht of deze samenhang gemodereerd wordt door sekse. 480 Nederlandse adolescenten (57.5% jongens) hebben vragenlijsten ingevuld over de kwaliteit van de ouder-kind relatie en rapporteerde depressieve symptomen gedurende twee meetronden 4 jaar na elkaar. In lijn met de verwachtingen werd er een negatieve samenhang gevonden tussen de kwaliteit van de ouder-kind relatie in de vroege adolescentie en depressieve symptomen in de middel- tot late adolescentie, gecontroleerd voor depressieve symptomen in de vroege adolescentie. Deze samenhang wordt gemodereerd door sekse. Voor meisjes hangt een hoge relatiekwaliteit ouder-kind relatie in de vroege adolescentie samen met minder depressieve symptomen in de middel- tot late adolescentie. Voor jongens werd geen samenhang gevonden. Het huidige onderzoek suggereert dat er bij de behandeling van depressieve symptomen bij adolescenten aandacht besteed moet worden aan de kwaliteit van de ouder-kind relatie tijdens de vroege adolescentie, omdat dit niet enkel depressieve symptomen in die periode lijkt te voorspellen, maar ook effect lijkt te hebben op de relatieve verandering van depressieve symptomen over tijd.