Verschillen in Ouder-Adolescent Relaties bij Nederlandse, Turkse, Marokkaanse en Surinaamse/Antilliaanse Adolescenten.
Summary
Achtergrond: Doel van het huidige onderzoek is om te bepalen in hoeverre er verschillen bestaan tussen Nederlandse, Turkse, Marokkaanse en Surinaamse/Antilliaanse adolescenten in de mate van steun, ruzie en macht binnen de ouder-adolescent relatie. Eerdere onderzoeken stellen dat adolescenten uit deze etnische groepen van elkaar verschillen. Waar Nederlandse gezinnen veel waarde hechten aan individualisme, hechten Turkse, Marokkaanse en Surinaamse gezinnen veel waarde aan conformisme. Er wordt gekeken naar jonge adolescenten, omdat zij zich in de kwetsbare periode bevinden waarin de relatie met hun ouders een belangrijke rol speelt. Methode: Aan dit onderzoek deden 1246 adolescenten mee van 10-15 jaar. Bij de adolescenten zijn algemene vragenlijsten afgenomen om de leeftijd en etniciteit te bepalen en de Network of Relationship Inventory (NRI) om de kwaliteit van de ouder-adolescent relatie te bepalen. Met een eenweg-ANOVA, een Welch-toets en een Post Hoc-toets is geanalyseerd of de etnische groepen wat betreft de ouder-adolescent relatie van elkaar verschillen in de mate van steun, ruzie en macht. Resultaten: Er wordt alleen een significant verschil gevonden in de mate van steun. Hierbij scoren Nederlandse adolescenten significant hoger en Turkse adolescenten significant lager dan de andere adolescenten. De mate van ruzie en macht binnen de ouder-adolescent relatie blijkt uit dit onderzoek niet significant te verschillen tussen de vier etnische groepen. Discussie: Dat Nederlandse adolescenten significant hoger scoren op steun dan andere adolescenten, kan verklaard worden doordat zij hun ouders als meer responsief ervaren dan ouders van andere adolescenten. Gezinsgrootte kan hier ook een verklaring voor zijn. Geen significante verschillen in de mate van ruzie en macht kan onder andere verklaard worden door het acculturatieproces.