Vergeving in vertrouwen
Summary
Vergeving kan alleen gegeven worden wanneer er iets in het verleden is dat om vergeving vraagt. Het denken over vergeving is daarmee verbonden aan het denken over het verleden. Het doel van dit onderzoek is om vanuit het denken over het verleden, antwoord te geven op de vraag wat vergeving is en wat de betekenis van vergeving is binnen de situaties waarin vergeven kan worden. Door teksten over vergeving die Arendt en Derrida geschreven hebben, tegenover elkaar te zetten, zal ik een kritische introductie geven in de vragen en thema’s die in dit onderzoek over vergeving centraal staan. Een belangrijke vraag in de behandeling van Arendts en Derrida’s teksten, is de vraag of vergeving voorwaardelijk of onvoorwaardelijk moet zijn. Ik zal in dit onderzoek aan de hand van Nietzsche beargumenteren dat onze visie op het verleden, bepalend is voor onze visie op vergeving. Ik zal laten zien dat de acceptatie van Kierkegaards idee dat vrijheid ten grondslag ligt aan ons verleden, problemen oplevert voor Arendts denken over het verleden. Ik zal beargumenteren dat deze problemen zijn op te lossen en vrijheid als grondslag van ons verleden is te behouden, wanneer de situaties waarbinnen vergeven kan worden, de relaties zijn die uit Heideggers visie op het verleden volgen. Vervolgens zal ik laten zien dat het enkel deze relaties zijn waarbinnen vergeven kan worden. Ik zal betogen dat de vergeving die uit dit denken over het verleden volgt, relationele vergeving is. Ten slotte zal ik een analyse van relationele vergeving geven, waaruit niet alleen duidelijk wordt wat het domein van relationele vergeving is, maar ook wat de betekenis van relationele vergeving is binnen dit domein.