Wie laten we toe en op grond waarvan? Een morele evaluatie van de freedom of association en the right to free international movement in het debat over beperking en uitsluiting van immigratie.
Summary
In deze scriptie luidt de centrale vraag: “Wie laten we toe en op grond waarvan?” en analyseer ik een tweetal relevante posities in het ook in filosofische opzicht actuele en urgente migratiedebat. Het betreft het door Christopher Heath Wellman verdedigde right to freedom of association en het door Philip Cole verdedigde right of free international movement. Na het beschrijving en beoordeling van de argumenten die voor beide –deels aan elkaar tegengestelde- posities pleiten, volgt een kritische bespreking van de bestanddelen. Daaruit volgt dat beide rechten vatbaar zijn voor fundamentele kritiek. Ik concludeer dat ze weliswaar bijdragen aan oriëntatie in het debat, maar het als gevolg van die kritiek zeer de vraag is of ze houdbaar zijn en bijdragen aan een antwoord op de centrale vraag. Het element human agency en mensenrechten dient in verdere ontwikkeling van het debat centraal gesteld te worden.