Leesprofielen: verschillen naar leeftijd en geslacht en de relatie met leesprestaties
Summary
Tegenwoordig zijn steeds minder kinderen gemotiveerd om te lezen. Uit onderzoek blijkt dat leesmotivatie uit verschillende constructen bestaat die van invloed zijn op leesprestaties. In het huidige onderzoek is de relatie tussen twee constructen van positieve leesmotivatie,
namelijk leesplezier en self-efficacy, en leesprestaties onderzocht. Met deze motivatieconstructen worden vier verschillende leesprofielen gecreëerd. Drie jaar lang hebben twee groepen leerlingen (groep 4 en vmbo klas 2; N = 353 respectievelijk 436) een vragenlijst ingevuld waarmee de mate van leesplezier en self-efficacy is gemeten. Het huidige onderzoek heeft zich gericht op de samenhang van beide constructen en de leesprofielen met leesprestaties. Tevens heeft het onderzoek zich gericht op de verdeling van de leesprofielen over jongens en meisjes en kinderen en adolescenten. Voor jongens, meisjes, kinderen en adolescenten hangt leesplezier positief samen met leesprestaties. Voor self-efficacy werd alleen voor jongens op de basisschool een positieve samenhang met leesprestaties gevonden. Verder blijkt dat, na controle voor eerdere leesprestaties, de variantie in huidige leesprestaties nauwelijks nog voorspeld wordt door leesmotivatie. Kijkend naar de leesprofielen, behalen alleen jongens in de 4 e klas van het vmbo met een hoge leesmotivatie significant betere leesprestaties dan jongens met een lage leesmotivatie. Tot slot is gebleken dat jongens en meisjes voornamelijk behoren tot het profiel met een lage mate van leesmotivatie. Concluderend rapporteren leerlingen in beide groepen dus weinig positieve leesmotivatie, maar de leesmotivatie wordt overschat bij het verklaren van leesprestaties. De eerdere leesprestatie is een belangrijkere voorspeller voor latere leesprestatie, zelf bij jonge kinderen.