Gedragsproblemen bij Kinderen en Adolescenten met Cerebrale Parese en de Relatie met Sociaal Functioneren
Summary
Samenvatting
Achtergrond: Het doel van dit onderzoek was om de mate van gedragsproblemen bij kinderen en adolescenten met cerebrale parese (CP) in kaart te brengen, in het algemeen en naar gelang leeftijd, sekse, ernst van CP en schooltype. Daarnaast is de relatie tussen gedragsproblemen en sociaal functioneren onderzocht. Dit is tot op heden weinig onderzocht en onderzoeksresultaten zijn tegenstrijdig. Methode: 158 participanten zijn geïncludeerd (100 jongens, 58 meisjes; M = 8.50 jaar, SD = 2.68). Externaliserende- en internaliserende gedragsproblemen zijn gemeten met de Child Behavior Checklist en sociaal functioneren met de Pediatric Evaluation of Disability Inventory. De mate van gedragsproblemen naar gelang verschillende factoren is geanalyseerd met een onafhankelijke T-Test of analyse of variance en de relatie tussen gedragsproblemen en sociaal functioneren met een lineaire regressie analyse. Resultaten: 15.2% van de participanten vertoonde externaliserende- en 18.4% internaliserende gedragsproblemen. De mate van externaliserende gedragsproblemen verschilde significant naar gelang leeftijd (p = .016), sekse (p = .04) en schooltype (p < .001). De mate van internaliserende gedragsproblemen verschilde significant naar gelang leeftijd
(p = .003). Er was geen significante samenhang tussen gedragsproblemen en sociaal functioneren. Conclusie: Kinderen en adolescenten met CP vertoonden meer internaliserende- dan externaliserende gedragsproblemen. De mate van externaliserende gedragsproblemen was hoger bij jongens, leerlingen in het speciaal onderwijs en kinderen van 9-11 jaar. De mate van internaliserende gedragsproblemen was hoger bij kinderen van 9-11 jaar. Er is geen relatie gevonden tussen gedragsproblemen en sociaal functioneren.