Discriminatie, en nu?
Summary
Deze masterscriptie gaat over de registratie van discriminatie incidenten bij de politie. In samenwerking met het Poldis-onderzoek vanuit het Verwey-Jonker Instituut is gepoogd antwoord te krijgen op twee samenhangende hoofdvragen. De eerste hoofdvraag grijpt terug naar de data en resultaten vanuit dit Poldis-onderzoek en heeft een meer praktische vraagstelling waarbij de aard en omvang van de geregistreerde incidenten worden onderzocht. De tweede vraag is een meer theoretische vraag die onderzoekt of er een verklaring te vinden is voor de regioverschillen die bestaan tussen de 25 politiekorpsen. Aan de hand van negen hypothesen is getracht deze verklaring te vinden.
Het beoogde doel van dit onderzoek was een beeld te schetsen van de situatie omtrent discriminatiecijfers en daarbij een verklaring vinden voor de geconstateerde regioverschillen. Dit kwantitatieve onderzoek is aan de hand van Poldis-data uitgevoerd. Door middel van regressieanalyses is met deze data getracht een verklaring te vinden voor regioverschillen.
Uit de resultaten hiervan is gebleken dat deze verklaring voornamelijk bij de politie gezocht moet worden. Deze resultaten druisen in tegen de verwachtingen en zorgen voor interessante suggesties voor een vervolgonderzoek. Tevens blijkt uit de resultaten dat zoals verwacht het aantal niet-westerse allochtonen voor meer meldingen van discriminatie zorgt.
Geconcludeerd kan worden dat de politieagenten kunnen zorgen voor het afnemen van regioverschillen en dat het nieuwe zaaksformulier nader onderzocht moet worden.