dc.description.abstract | Voor mensen die met de spraakcomputer ‘MyTobii’ communiceren, duurt het produceren van een uiting langer dan voor mensen die op een normale manier kunnen communiceren. Uit eerder onderzoek (Kusters 2010) bleek al dat gespreksdeelnemers in gesprekken met MyTobii-gebruikers strategische aanpassingen doen om met die langere productietijd om te gaan. Als het gaat over vragen stellen is het aannemelijk dat gesprekspartners de voortgang van het gesprek niet afhankelijk maken van de antwoorden en vooral vragen stellen waarop niet perse een antwoord hoeft te volgen. De vraag die centraal stond in dit onderzoek is welke vraagstrategieën gespreksdeelnemers hanteren in gesprekken met MyTobii-gebruikers om met de langere productietijd om te gaan. Daarvoor zijn twee typen interacties geanalyseerd, een interactie met een sociaal doel en een interactie met een instrumenteel doel.
Het uitgangspunt van de analyse was het onderscheid dat Heritage & Raymond (2010) maken in verschillende typen vragen (vraagwoordvragen, ja/nee-vragen, tag questions en beweringsvragen). Deze vier typen vragen verschillen van elkaar in hun epistemische gradient en komen ook voor in de onderzochte interacties. Uit de analyse is gebleken dat de indeling vanuit epistemisch perspectief niet voldoet. Vanuit epistemisch perspectief bestaan vraagwoordvragen, ja/nee-vragen, tag questions en beweringsvragen namelijk niet uit één type vraag maar uit meerdere typen. Afhankelijk van bepaalde vorm- en functiekenmerken onderscheiden de vragen van een vraagtype zich van elkaar. Ook kunnen keuzevragen worden toegevoegd aan de indeling van Heritage & Raymond (2010).
Het antwoord op de onderzoeksvraag luidt dat aan MyTobii-gebruikers voornamelijk vragen worden gesteld die geformuleerd zijn in termen van kleine epistemische verschillen. Aan vraagwoordvragen worden vaak ja/nee-vragen toegevoegd en ook worden tag questions gesteld waarop geen antwoord hoeft te volgen. De gesprekspartners passen op die manier hun vraagstrategie aan de productietijd aan. De vragen zijn gemakkelijker te beantwoorden en kosten zo min mogelijk productietijd, waardoor het gesprek vlot kan verlopen. | |