dc.description.abstract | De aanleiding voor het onderzoek is de hoge uitval van adolescenten in pleeggezinnen. Het doel van het huidige onderzoek was kennis verkrijgen over hoe jongeren succesvol kunnen verblijven in een gezinssetting. In 21 interviews met zes gezinshuisouders, zeven pleegouders, acht jongeren en vijf professionals werd de vraag onderzocht welke risico- en succesfactoren van voorgaand onderzoek toepasbaar zijn op jongeren van 14 tot en met 18 jaar in pleeggezinnen en gezinshuizen. Verder wordt ook onderzocht hoe pleegouders en gezinshuisouders bij kunnen dragen aan het vergroten van de eigen kracht en het sociale netwerk van de jongeren. De resultaten zijn verwerkt in een model van risico- en succesfactoren, die betrekking hebben op de jeugdige, het gezin van herkomst, pleegouders of gezinshuisouders en de hulpverlening. De aanname dat veel factoren uit voorgaand onderzoek ook toepasbaar zijn op jongeren is bevestigd, maar er zijn ook nieuwe factoren gevonden. Voorbeelden van nieuwe risicofactoren zijn het IQ van de jongere, jaloezie en psychische problemen van de biologische ouders, problemen van de pleeg- of gezinshuisouder en teveel hulpverleners in beeld. Voorbeelden van
succesfactoren zijn geloof, betrokkenheid van jongeren bij doelen en steun en waardering vanuit de organisatie.
Vervolgonderzoek is aanbevolen om de nieuwe factoren verder te kunnen toetsen. Het onderzoek laat ook het belang zien voor jongeren van 14 tot en met 18 jaar van het vergroten van de eigen kracht, vaardigheden voor zelfstandigheid en het sociale netwerk. Succesfactoren die bijdragen aan de eigen kracht zijn toegevoegd aan het model. Er zijn onder andere aanbevelingen geformuleerd op het gebied van betrokkenheid van jongeren, matching en het stimuleren van contact met familie. | |