Show simple item record

dc.rights.licenseCC-BY-NC-ND
dc.contributor.advisorKlein Haarhuis, C.M.
dc.contributor.authorBrink, E.C. van den
dc.date.accessioned2008-10-16T17:08:05Z
dc.date.available2008-10-16
dc.date.available2008-10-16T17:08:05Z
dc.date.issued2008
dc.identifier.urihttps://studenttheses.uu.nl/handle/20.500.12932/2114
dc.description.abstractAan de hand van secundaire data analyse van twee datasets met circa 1.500 en 10.000 respondenten van O+S Amsterdam is onderzocht of armen in Amsterdam zich onveiliger voelen en waarom. De resultaten wijzen uit dat deze groep zich onveiliger voelt dan niet-arme Amsterdammers. De relatie tussen veiligheidsbeleving en inkomen is niet zeer sterk (Beta= 0,071), maar wel erg significant (p < 0,001). De relatie tussen armoede en veiligheidsbeleving blijft ook bestaan wanneer wordt gecontroleerd voor de effecten van opleiding, leeftijd, geslacht, niet-westerse allochtonen en de buurt waarin de respondenten wonen. Aan de hand van de rationele keuze theorie en het symbolisch interactionisme zijn twee modellen ontworpen die beide kunnen verklaren waarom armen zich onveiliger voelen. Uit de toetsing van de rationele keuze theorie komt naar voren dat armen het risico op slachtofferschap niet significant groter inschatten dan niet-armen. Ook worden armen niet vaker slachtoffer van criminaliteit en ontvangen ze niet meer negatieve informatie over slachtofferschap vanuit de media. De rationele keuze theorie kan echter wel goed verklaren waarom mensen zich onveilig voelen. Risicoperceptie speelt een belangrijke rol bij onveiligheidsgevoelens. Daarnaast is gevonden dat het bepalen van het risico mede gebeurt aan de hand van de mate van controle die mensen denken te hebben over slachtofferschap en de media. Deze afleiding van de rationele keuze theorie kan dus niet verklaren waarom armen zich onveiliger voelen. Het verklaart wel voor een deel waarom mensen zich onveilig voelen. De toetsing van het symbolisch interactionisme toont aan waarom armen zich onveiliger voelen. Dit kan verklaard worden doordat arme Amsterdammers in buurten wonen met minder sociale cohesie dan niet-arme Amsterdammers. De andere begrippen uit deze theorie, overlast en verloedering, etnische diversiteit en achterstand van de buurt, zijn echter niet van belang zijn in het verklaren van de hogere onveiligheidsgevoelens onder arme Amsterdammers. Overlast en verloedering hangen wel zeer sterk samen met de veiligheidsbeleving van alle Amsterdammers. Overlast en verloedering kunnen echter niet verklaren waarom armen zich onveiliger voelen, omdat dit niet significant vaker voorkomt in de buurten waar veel arme Amsterdammers wonen. Zij wonen wel vaker in buurten met meer etnische diversiteit en achterstand, maar deze factoren bepalen niet hoe onveilig mensen zich voelen.
dc.description.sponsorshipUtrecht University
dc.format.extent657707 bytes
dc.format.mimetypeapplication/pdf
dc.language.isonl
dc.titleVeiligheidsbeleving in Amsterdam. Kwantitatief onderzoek naar het verschil in veiligheidsbeleving tussen arme en niet-arme Amsterdammers
dc.type.contentMaster Thesis
dc.rights.accessrightsOpen Access
dc.subject.keywordsVeiligheidsbeleving
dc.subject.keywordsonveiligheidsgevoelens
dc.subject.keywordsarmoede
dc.subject.keywordsAmsterdam
dc.subject.keywordsrationele keuze theorie
dc.subject.keywordssymbolisch interactionisme
dc.subject.courseuuVraagstukken van beleid en organisatie


Files in this item

Thumbnail

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record